Rasclub Heilige Birmanen - www.felikat-heiligebirmanen.nl

Fokken deel 3
Door: Joke Manenschijn

In de vorige aflevering is de bevalling behandeld en als alles goed is gegaan, hebben we nu dus een nest. Behalve het bewonderen van het kleine grut, zullen er ook een paar praktische zaken gecontroleerd moeten worden en deze hebben vooral te maken met de voedselvoorziening. Als de dierenarts na de bevalling komt, zal hij tijdens zijn bezoek zeker ook controleren of de poes melk heeft. Het is opvallend te zien hoe een dierenarts een nest bekijkt; fokkers maken zich druk over de lengte van de neus of staart, te grote of te kleine oren, de vorm van een kopje, enz. en de dierenarts kijkt zelfs niet naar een knikstaartje en ook het geslacht van het kitten laat hem koud. Hij/zij kijkt naar de ademhaling, het naveltje en de reacties van een kitten en natuurlijk is dat ook veel belangrijker.

Als de dierenarts niet thuis komt, zorg dan dat je een antibioticakuurtje voor de poes in huis hebt, zodat je een eventuele uit de bevalling voortvloeiende ontsteking kunt voorkomen. Mocht je iets vreemds aan de kittens constateren neem dan contact op met de dierenarts.

Controleer zelf of uit alle tepels melk komt door met duim en wijsvinger een melkende beweging te maken. Sommige poezen hebben voor de bevalling al zo veel melk, dat zich een propje gedroogde melk in de tepel vormt. Dit moet je dan door te 'melken' even verwijderen; een pasgeboren kitten heeft hier de kracht niet voor.

Als dit allemaal in orde is, zal de poes de eerste drie weken de totale verzorging van het grut voor haar rekening nemen. En bovendien zal ze met de eerste melk (colostrum) haar kleintjes voldoende antistoffen voor de eerste weken meegeven.
Als 'kraamverpleegster' kun je alleen zorgen voor haar voeding, het wegen van het kroost, (een beetje afhankelijk van hun geboortegewicht kunnen kittens de eerste weken tussen de 70 en 120 gram per week groeien) en niet te vergeten het schone 'bed'. Geef de poes zeker 2 x daags een schaaltje koffiemelk (halfvolle 4%) met wat gekookt water en wat druivensuiker. (Als zij geen melkproducten verdraagt, kun je dit vervangen door wat vleesbouillon). Zorg bovendien dat zij regelmatig vers eten in haar buurt heeft, want het is mogelijk dat ze - zeker de eerste dagen - absoluut niet bij haar kleintjes weg wil. Onvoldoende en mindere kwaliteit voeding kan de melk nadelig beïnvloeden.

De eerste tijd na de bevalling moet je oppassen, dat de poes niet op haar kleintjes gaat liggen. Dit kan gebeuren bij een onervaren moederpoes, maar ook als de poes nog vermoeid is na de bevalling en pasgeboren kittens hebben vaak nog niet de kracht om onder haar weg te kruipen. Als ze enige dagen oud zijn, kunnen ze in zo'n geval al gillen als speenvarkens en dan zal de poes gauw opstaan en anders gaan liggen.

Erg belangrijk is ook te zorgen voor een warmtebron. Jonge kittens hebben erg veel behoefte aan warmte en als de moeder even weg is, zullen ze snel afkoelen. Meestal is het voldoende om 3 x daags te zorgen voor een warme kruik. Het meest geschikt in dit geval is een warmwaterzak; hier kunnen de kleintjes bovenop gaan liggen. Wikkel de warmwaterzak in een molton doek met hierom een sloop, op deze manier is hij niet te heet en blijft hij vrij lang warm. Leg deze kruik wel zo neer dat de moederpoes er geen hinder van heeft, want zij is niet altijd zo gesteld op te veel warmte en zal dan met het grut gaan slepen.

De meeste poezen krijgen deze prikkel tot slepen ook wel eens zonder een aanwijsbare reden, zorg er dus voor dat ze de kleintjes tijdens je afwezigheid niet op een onveilige plaats kan deponeren (bijvoorbeeld boven in een boekenkast).
Een warme en tochtvrije plaats voor kittens zal hun groei gunstig beïnvloeden, want dan verspillen ze geen energie. Soms geven kittens zelf aan, dat ze het koud hebben; ze zijn onrustig en piepen regelmatig.
Ditzelfde gedrag kunnen ze ook vertonen als ze honger hebben; dat is vrij simpel te controleren door ze dagelijks op hetzelfde tijdstip te wegen. Het beste is direct na de geboorte een lijstje te maken met bovenaan de geboortedatum en de kittens met geslacht en geboortegewicht. Het geslacht van het kitten kun je het gemakkelijkst zo snel mogelijk na de geboorte bepalen (zie tekening). Als je je vinger dwars tussen de beide uitgangen kunt plaatsen is het vast een katertje, bij poesjes is deze afstand veel kleiner.

kater
poes

Als er meerdere kittens van hetzelfde geslacht en/of kleur zijn, kun je ze merken met verschillende kleurtjes nagellak aan de teennageltjes. Op het groeilijstje kun je alle bijzonderheden noteren, zoals bijvoorbeeld de dag waarop de oogjes opengaan, wanneer ze tandjes krijgen, zelf gaan eten, voor het eerst op de kattenbak gaan, enz. Dit is altijd gemakkelijk als vergelijkingsmateriaal voor eventuele latere nesten.

Als je dagelijks het molton onderleggertje in de kraammand verschoont, kun je ook heel goed bijhouden hoeveel en hoelang de poes nog vloeit. Het is normaal als ze nog ongeveer een week af en toe een beetje bloed verliest. In alle hiervan afwijkende gevallen heeft zij zo snel mogelijk medische hulp nodig.

Als voorbeeld hieronder zo'n groeilijstje

Poes Miepie x Kater Joris
 
Nest geboren 1 april        
    Poes Poes Poes Kater
Geboortegew.   95 100 100 105
1 dag oud   105 125 120 125
2   115 135 125 135
3   135 snort 150 145 155
4   150 165 160 170
5 navelstr.afgebr. 155 180 170 190
6   175 195 195 200
7 oogjes open 185 205 205 215
8   200 220 220 225
9   210 230 225 235
10   230 250 240 255
12   250 275 265 280
13   260 285 275 290
15   290 315 310 320
17 tandjes 310 340 330 345
19   340 365 360 370
21   365 390 385 405
23   390 415 410 425
25 pap gegeten 415 440 435 455
28   455 480 485 495
Enz.          


Ontvang de eerste paar weken zo min mogelijk 'kraambezoek'. Sommige poezen zijn hier absoluut niet van gediend en gaan na afloop hun kittens verplaatsen naar een in hun ogen veiliger plekje. Dit geldt natuurlijk niet voor de eigen huisgenoten, want dit bezoek wordt over het algemeen juist bijzonder gewaardeerd. Haal dan ook gelijktijdig de kleintjes aan, dit zal hun gedrag in de toekomst beïnvloeden. Doe dit liever niet als de moederpoes net even weg is, want als de kleintjes piepen zal ze in paniek terugkomen en zij heeft af en toe een wandelingetje nodig.

Tijdens de zoogperiode is het goed om af en toe de melkklieren en tepels van de poes te controleren. Zij kan hieraan een ontsteking krijgen en zal het dan beslist niet waarderen dat haar kroost dorst heeft. Hoe eerder iets dergelijks gecontroleerd wordt, zo te sneller kun je ingrijpen en kan het probleem tot het minimum beperkt blijven. Ga dus in zo'n geval zo snel mogelijk naar de dierenarts.

Een ander probleem dat zich voor kan doen tijdens de zoogperiode is eclampsie (melkziekte).
Bij ons allereerste nest vielen wij wat dit betreft regelrecht met onze neus in de boter. Onze poes had een nest van vier kittens, die drie dagen oud waren, toen ze een krampaanval kreeg. Hieraan voorafgaande was ze erg rusteloos geweest, ze weigerde te eten en te drinken en had gloeiende oren. Terwijl ze bij de kleintjes lag, kreeg ze een soort toeval waarbij ze ook totaal verkrampt was. Ik heb haar direct bij de kittens weggehaald en in de frisse lucht gehouden; hierdoor knapte ze wel iets op, maar ze bleef afwezig. Als ik tegen haar sprak was het net of ze doof was. De dierenarts, die haar onderzocht, constateerde eclampsie. Ze kreeg een injectie met Calci Tad (een samenstelling van calciumpreparaten) en was na ongeveer een half uur weer compleet normaal. Eclampsie wordt veroorzaakt door een calciumtekort in het bloed. Normaal heeft een poes een keurige balans, maar tijdens de zoogperiode en soms al tijdens de dracht (bij de vorming van de beenderen van de kittens) kan zij zoveel calcium moeten leveren, dat ze daardoor een tekort in het bloed krijgt. Op zo'n moment krijgt ze een soort toeval en is ingrijpen van een dierenarts hoogst noodzakelijk, want zonder hulp kan zij in een coma geraken en overlijden.

Met een poes fokken, die hier erg gevoelig voor is, is altijd riskant. Je kunt namelijk nooit precies zeggen of en wanneer het gebeurt. Onze poes kreeg het in een later stadium nog eens en toen was het midden in de nacht. Nog los van het feit of je dit bemerkt, is het zeker geen pretje op zo'n tijdstip de dierenarts te moeten bellen. Voorkomen is natuurlijk altijd beter dan genezen en ik geef na deze ervaring mijn poezen tijdens de zoogperiode altijd wat extra kalk. Om de juiste balans te vinden is echter erg moeilijk en het geven van kalk is geen garantie dat zoiets niet gebeurt.

Als de melkproductie, bijvoorbeeld bij een eerste nestje niet zo erg op gang wil komen, kun je deze wat stimuleren met Urtica D6 van VSM of met 'zogvormende kruiden' (40 gram kummel, 40 gram venkel, 20 gram anijs mengen. Doe van deze gemengde kruiden 1 theelepel bij 4 theelepels gekookt water en laat dit 20 minuten trekken. Giet het mengsel door een zeefje en geef de poes dagelijks 1 pipetje van deze 'kruidenthee'). Bovenstaande producten zijn verkrijgbaar bij een winkel met homeopathische artikelen.

Als de kittens - om wat voor reden dan ook - geen melk van hun moeder kunnen krijgen, kun je kiezen uit twee mogelijkheden. Of je neemt contact op met een mincentrale of je gaat de fles geven.

Mincentrale - informeer bij de kattenvereniging. Een poes met één kitten en voldoende melk heeft zeker geen bezwaar tegen een paar pleegkinderen. (De meeste poezen zijn zelfs erg onrustig als ze maar één kleintje hebben). In zo'n geval kan men de mincentrale bellen en informeren of er misschien ergens een paar kittens zijn die het teveel aan melk goed kunnen gebruiken.

Als je hele dagen werkt en flesvoeding dus niet mogelijk is, zou je voor de bevalling - eventueel via de dekkatereigenaar - al afspraken kunnen maken met eigenaren van poezen, die ongeveer gelijktijdig met de eigen poes zullen bevallen.
Plaats nooit kittens bij elkaar, die veel in leeftijd variëren, want de jongste zullen dan tekort komen.
Informeer om risico's te vermijden altijd naar de Leukemietest. Als een poes leukemie heeft, kan zij al voor de geboorte haar kleintjes besmetten, maar zij kan ook via de melk de ziekte aan gezonde kittens doorgeven.

Flesvoeding

Door diverse fokkers zijn complete nesten met goed resultaat grootgebracht door gebracht te maken van diverse merken Kittenmelk die te koop zijn. Als de kittens ook de eerste moedermelk hebben moeten missen, dient het aanbeveling aan de voeding dagelijks 1 druppel breedspectrum antibiotica toe te voegen (in overleg met uw dierenarts).
De voeding kun je geven met een speciaal hiervoor gemaakt flesje, maar ook heel goed met een 5 cc spuitje met hierop een klein speentje. Maak met een stopnaald twee gaatjes aan de zijkant van het puntje van het speentje, zodat de melk zijwaarts in het mondje van het kitten zal komen. Kook voor de voeding flesje of spuitje en speentje uit.

Probeer tijdens het voeden zoveel mogelijk de normale drinkhouding te benaderen. Leg het kitten bijvoorbeeld tegen een opgerolde handdoek, zodat de voorpoten iets hoger liggen dan de achterpoten en geef het druppelsgewijs de melk.

Je kunt met een pasgeboren kitten beginnen met ongeveer 3 cc per voeding en wel ongeveer 5 keer per dag. (Een kitten van 3 weken drinkt tussen de 6 en 8 cc per voeding). Als er 's nachts gedurende een periode van ongeveer 7 uur niet gevoed wordt, levert dit voor een gezond kitten geen probleem op. Men zegt dat er eerder kittens overlijden door te vaak dan door te weinig voeden. Vergeet na de voeding nooit de massage van het buikje en de anaalstreek; doe dit bijvoorbeeld met een vochtig warm watje of washandje.
Wat je in het kitten stopt, moet er immers in gewijzigde vorm ook weer uit.
Als een pasgeboren 'flessekind' diarree krijgt, is dit te verhelpen met Socatyl van Ciba Ceigy. Geef hiervan voor een voeding 2 x daags 1 tipje op de tong. Halveer de dosering zodra de ontlasting verbetert en stop direct als deze weer goed is.

Spiraalkittens

Dit zijn kittens, die een gestoord bewegingsgedrag vertonen. Sommige kunnen niet in een rechte lijn van punt A naar B komen, maar doen dit door zich steeds in cirkels - meestal één kant uitdraaiend - te verplaatsen; hierbij houden ze hun kopje scheef, zodat 1 oor naar boven en 1 oor naar de grond wijst. Andere hebben hunvoorpoten omhoog, terwijl de achterpoten omlaag zijn en draaien door deze stand te wisselen steeds rond, alsof ze proberen eindelijk alle poten dezelfde kant uit te laten wijzen. Bovendien drinken spiraalkittens vaak op hun rug.
Behalve hun aparte manier van bewegen zijn ze meestal gezond en groeien even hard als normale kittens.

In de afgelopen jaren zijn er door fokkers en geleerden diverse oorzaken voor dit gedrag naar voren gebracht. Hieronder volgt een aantal van deze mogelijkheden.
1. De kater. Maar ja, die heeft het toch altijd gedaan.
2. Een vitamine B tekort.
3. Een virus. Tijdens de zwangerschap komt de poes in aanraking met een virus, waar zij zelf geen hinder van heeft, maar waardoor de hersenen van het ongeboren kitten beschadigd worden.
4. Een recessief gen.
5. Een eenzijdig dieet van ééndagskuikens.
6. Een stofwisselingstoring. Mogelijk een tekort aan mineralen en aminozuren.
7. De invloed van vlooienbestrijdingsmiddelen.
Helaas is geen van bovengenoemde punten bewezen, zodat het niet echt mogelijk is de geboorte van een dergelijk nest of kitten te voorkomen.
Natuurlijk kun je tijdens de zwangerschap zorgen dat je een aantal mogelijkheden (zoals punt 2, 5, 6 en 7) uitsluit. In het verleden zijn deze kittens op vele manieren met extra vitamine B behandeld. En inderdaad na verloop van tijd verbeterde hun toestand en in sommige gevallen was er alleen tijdens een periode van stress iets aan de katten te zien.

In de afgelopen tijd is echter een aantal van deze kittens behandeld met vitamine E injecties en hiermee werd een beter en sneller resultaat bereikt. Hoe eerder de behandeling werd gestart, zo veel te beter was het resultaat. Ik ken zelf een kitten, dat de dag na zijn geboorte een vitamine E injectie kreeg; hierop in eerste instantie slechter werd, maar een dag later al sterk verbeterd was. Twee dagen na de injectie was het even normaal als de nestbroertjes en -zusjes. Dit kitten heeft nooit meer een vreemd gedrag vertoond en is op moment van schrijven al anderhalf jaar oud.

Ik wens niemand een dergelijke ervaring toe, maar mocht het iemand overkomen, neem dan zo snel mogelijk contact op met de dierenarts en overleg wat er gebeuren moet.

De kittens

Behalve het feit, dat de kittens dagelijks zwaarder worden, zijn er de eerste twee weken nog een aantal dingen die per dag veranderen.
In eerste instantie gaan ze hoofdzakelijk op hun reuk af; zo vinden ze ook de tepel. Het is grappig te zien hoe kittens van twee dagen oud al blazen naar iets vreemds, dat zich in de buurt van de kraamdoos bevindt. En als ze een paar dagen oud zijn, herkennen ze zelfs al de geur van de handen, die regelmatig hun moeder aanraken. Ook kunnen ze zo jong al 'snorren', bijvoorbeeld als ze de tepel gevonden hebben of als je ze over het buikje aait.
Ongeveer vijf dagen na de geboorte zal het verdroogde navelstrengetje afvallen. En in de komende dagen, uitlopend tot tien of elf dagen, zullen geleidelijk aan de oogjes opengaan. Eerst zie je steeds duidelijker het streepje tussen de oogleden en dan gaat er langzaam vanaf de neus een kiertje open. Ze zullen dan vermoedelijk nog niets of weinig zien, maar dit wordt langzamerhand beter. Om deze overgang van niets naar iets zien niet te snel te laten verlopen, is het aan te bevelen de kittens de eerste twee tot drie weken in een schemerige ruimte te laten.
Als de oogjes een dag nadat ze zijn open gegaan weer verkleven, dan kun je ze met een watje met gekookt (en afgekoeld) water - vanuit de buiten ooghoek naar het neusje toe schoonmaken.
Ga niet onnodig aan de oogjes poetsen, laat de natuur zoveel mogelijk zijn gang gaan. Maar neem bij eventuele ontstekingen direct contact op met de dierenarts.

Schrik niet als de kittens er in hun groeiperiode levenloos bij lijken te liggen of als ze in hun slaap schokkende bewegingen maken, want net als baby's kunnen ook zij last van groeistuipjes hebben.

Ongeveer tussen de tweede en derde week ontwikkelen zich de melktandjes en het grappige is, dat hier geen 'huiluurtjes' bij horen.

Ongeveer gelijktijdig ontwikkelt zich het gehoor; dit merk je doordat de kittens bij bepaalde geluiden de oortjes gaan bewegen. Ook gaan ze hun eigen lichaam ontdekken, soms liggen ze op hun rug hun eigen pootjes te bekijken. Bijzonder interessant worden ook de oortjes van de broertjes of zusjes, want daar kun je zo heerlijk op sabbelen. Het wordt nu ook tijd om het grut naar de box te verhuizen.

Vanaf de leeftijd van drieëneenhalve week kun je de kleintjes heel langzaam gaan wennen aan ander voedsel dan ze tot nu toe gehad hebben. In geval van nood kun je hier zelfs al een week eerder mee beginnen, zonder dat dit problemen oplevert. Je kunt beginnen met een dun papje van halfvolle koffiemelk (4%), wat gekookt water, een theelepeltje druivensuiker, Roosvicee Glucose en rijstebloem kindermeel. (Ook kun je de helft van de koffiemelk vervangen door kittenmelk of Protifar). Laat ze eerst een hapje proeven en daarna van je vingers likken. Vervolgens kun je je vinger naar het papschaaltje brengen en in de meeste gevallen zal het kitten deze vinger volgen. Eerst zullen ze regelmatig hun neus te diep in de pap steken, zodat een zacht geproest het gevolg is, maar na wat oefening zullen ze met veel gesmak de pap naar binnen werken.

Geef deze voeding eerst maar 1 x daags en na een paar dagen 2 x; voeg 1 of 2 dagen later 1 keer per dag fijngemalen vlees aan de pap toe. Op deze manier went het kitten langzaam aan andere voeding. Laat de poes bij de maaltijden aanwezig zijn, want zij kan mooi helpen als het grut erna een wasbeurt nodig heeft.

Zolang je alleen melkproducten geeft, zal mams gewoon doorgaan met het geven van 'schone broeken'; pas ongeveer 2 dagen nadat je voor het eerst gemalen vlees hebt toegevoegd, geeft ze er de brui aan. Maar dan zijn de kittens al zo sterk, dat ze in staat zijn zelfstandig hun eerste pijpje te draaien. Dit is ook het tijdstip dat er een kattenbakje in de box gezet moet worden. Alle kittens zullen het grit in de kattenbak eerst willen proeven, alvorens het op de daarvoor bedoelde wijze te gebruiken. Haal zoveel mogelijk het grit uit hun mondjes, maar raak niet in paniek, want ze worden ondanks dit rare gedrag toch groot.

Als ze ongeveer vijf weken oud zijn, zijn de meeste kittens zindelijk en daarna kunnen ze ook uit de box. Voor alle huisgenoten breekt dan de periode van schuifelen aan, want voordat je het weet heb je ze onder je schoenzolen.

Sluit zeker met het voeden van het jonge grut zoveel mogelijk risico's uit en geef alleen gekookt vlees, vis, kip, konijn, enz. Gebruik wel het kookvocht (behalve van vis) voor hun voeding en wel in plaats van het gekookte water wat er anders bij gaat.
Probeer de kittens zo gevarieerd mogelijk te laten eten, want alles wat ze de eerste weken van hun leven gegeten hebben, zullen ze als volwassen kat ook lusten. Ook bijvoorbeeld een lepel Olvarit babyvoeding (groente of fruit zonder suiker) door hun vleesmaaltijd wordt goed verdragen.

Kittens van ongeveer vijf weken die ook nog bij mams aan de 'bar' hangen, kun je bijvoorbeeld 4 voedingen per dag geven; 2 met pap en gemalen vlees of kip, enz. en 2 gewone papvoedingen. Naarmate het kitten ouder wordt, kun je de pap uit de vleesmaaltijden verwijderen. Vergeet dan niet hiervoor in de plaats kalk toe te voegen, want een jonge kat in de groei heeft dit zeker nodig.

Wacht met het geven van de eerste wormkuur tot de kleintjes zindelijk zijn, want als mams ze nog verschoont, heb je grote kans dat zij hier minder goed op reageert.

Gebruik ook in deze hele periode geen vlooienbestrijdingsmiddelen, de gevolgen kunnen afschuwelijk zijn.

Mocht je in de periode na de bevalling twijfelen over de gezondheid van de poes of de kittens aarzel dan niet en ga zo snel mogelijk naar de dierenarts.

En als laatste: vergeet niet het nest binnen 40 dagen na de geboorte te melden bij de adjunct-secretaris.

Met dank aan: dierenartsencombinatie Hellendoorn en B.V. European Veterniary Laboratory te Amsterdam.

 

Niets van bovenstaande tekst mag zonder nadrukkelijke toestemming van de auteur worden gekopieerd en gepubliceerd.